NB 13 - Vlijmen

 

Gebiedsbeschrijving en probleemstelling

De Maasroute A59 ligt tussen knooppunt Hooipolder en Empel op de overgang van zee- en rivierenkleigebied naar dekzandlandschap. De afwisselnde opbouw van de bieden heeft geresulteerd in gevarieerde biotopen en ecologisch waardevolle overgangen van hoog naar laag, droog naar nat, voedselarm naar voedselrijk. Langs de A59 zijn in de loop der tijd op de zandruggen langgestrekte streekdorpen ontwikkeld. De lagere delen zoals de Binnenpolder van Cappele/Langstraat, Baardwijkse overlaat en het Vlijmse ven/Moerputten zijn relatief open gebleven. Dit zijn de laatste locaties waar nog een ecologische verbindingszone tussen de Loonse en Drunense duinen en de Bergsche Maas gerealiseerd kan worden.

De polder van Cappele/Langstraat is een waardevol gebied met typerende slagenlandschap (smalle weilanden met elzenhagen). Het beheer is gericht op het ontwikkelen van trilven en natte schrale graslanden. In het gebied komen bijzondere planten- en amfibiesoorten voor zoals Spaanse ruiter, Heikikker, Ondergrondse woelmuis waardoor het gebied beschermgebied is ihkv de Habitatrichtlijn. De Baardwijke overlaat is een smalle strook zeekleilandschap omringd door een zandrug waarop Waalwijk en Drunen zijn gebouwd en begrensd door het Afwateringskanaal in het oosten en de zeedijk in het westen. De overlaat werd vroeger gebruikt als waterbergingsgebied bij hoog Maaswater. Nu heeft het een belangrijke functie voor vestiging en verbreiding van soorten tussen de Loonse en Drunense duinen en de polders en uiterwaarden van de Bergsche Maas.

Dit gebied heeft grote potenties als droge en natte ecologische verbindingszone. Bij knooppunt Vlijmen ligt de A59 hoofdzakelijk in het rivierenkleilandschap met resten van veen en zand in d ebodem. In de ondergrond is schone diepe kwel aanwezig waardoor de gebieden Moerputten en Vugtse Gement rijk zijn aan planten van beekdallandschappen. In het kader van de aanleg van zuidwest tangent bij den Bosch wordt reeds voorzien in een ecologische verbinding tussen het Bossche Broek en de Vughtse Gement.

De A59 vormt een barrière voor de uitwisseling van waardevolle natuurgebieden ten zuiden van de A59 en de Bergsche Maas en Maas bij Bokhoven. Bij Vlijmen is er de verbinding nodig tussen Moerputten , Vugtse Gement richting het Engelermeer en de Maas. De Baardwijkse overlaat heeft een belangrijke functie voor de verbinding van de Loonse en Drunense Duinen met de polders en uiterwaarden van de Bergse Maas.

Het knelpunt is gedeeltelijk opgelost tussen 2005 en 2008.

Doel en doelsoorten

Het opheffen van de barrière die de A59 vormt tussen Moerputten en Engelenmeer en het realiseren van een verbinding tussen de beekdalen en de Maas. In het gebied is potentieel leefgebied aanwezig voor Bever en Otter, te weten Sompen&Zooislagen, Engelenmeer en De Moerputten. De bever is al op verschillende plekken langs de Maas gesignaleerd. Bij de Baardwijkse overlaat is het doel een verbinding vormen tussen de Loonse en Drunense Duinen en de polders en de uiterwaarden van de Bergsche Maas. De doelsoorten zijn de bever en otter, kleine groene kikker, bruine kikker, heikikker, kamsalamander, vleermuis, moerasvogels bunzing, hermelijn, ondergrondse woelmuis, das en ree.

Mijlpalen en projectresultaat

Deze locatie vormt ook een belangrijk onderdeel van het project HOWABO (Waterschap) en Klimaatbuffer (Staatsbosbeheer) waarbij aan een oplossingsrichting gedacht wordt om faunapassage te combineren met een hoogwaterafvoer. Afstemming is hierbij van belang.

Een functionerende verbinding ter hoogte van de Baardwijkse overlaat tussen de Loonse en Drunense Duinen met de Bergsche Maas. Het knelpunt is gedeeltelijk opgelost tussen 2005 en 2008.

Mijlpalen: Het passeerbaar maken van de A59 voor de genoemde doelsoorten nabij Vlijmen. Het realiseren van een groene zone voor grote grazers ter hoogte van de Baardwijkse overlaat (e.e.a. afhankelijk van het realiseren van een fly-over).