Nieuws & publicaties

Eerste resultaten monitoringsonderzoek natuurbrug Zandpoort gereed

18 april 2018

Eerste resultaten monitoringsonderzoek natuurbrug Zandpoort gereed

Sinds 2013 zorgt Natuurbrug Zandpoort voor de ontsnippering van het duingebied rond de drukke Zandvoortselaan. Om iets te kunnen zeggen over het resultaat van deze voorziening is een monitoringplan opgesteld voor de periode 2014-2018. Inmiddels zijn de resultaten van de periode 2014-2016 bekend: van de 22 gidssoorten hebben maar liefst zeventien de brug al gevonden.

Natuurbrug Zandpoort verbindt de Amsterdamse Waterleidingduinen (AWD) en Nationaal Park Zuid-Kennemerland (NPZK). Het is de eerste van drie bruggen die het duingebied in de drukke randstad ontsnipperen. Zandpoort werd en Zeepoort wordt gerealiseerd door verschillende samenwerkende partijen, waaronder de gemeente Noord-Holland en Natuurmonumenten. Het derde ecoduct Duinpoort – dat nog in aanbouw is – ligt over de spoorlijn Zandvoort-Haarlem en valt daarmee onder het MJPO (NH12). De drie ecoducten samen moeten zorgen voor een aaneengesloten duingebied van meer dan 7000 hectare, met volop ruimte voor de natuur.


Landzoogdieren weten brug te vinden

Met verschillende methoden wordt het gebruik van Zandpoort door flora en fauna gemonitord. Voor de monitoring van landzoogdieren is gebruikgemaakt van camera-onderzoek. Hieruit blijkt dat de meeste landzoogdieren de brug inmiddels goed weten te vinden. Inmiddels hebben jaarlijks zo’n 1500 damherten die in het gebied leven de brug bezocht. Ook vossen, konijnen en reeën zijn gesignaleerd op het ecoduct, net als de wezel, bunzing en verschillende soorten (spits)muizen.

Goede hoop voor vleermuizen

De aanleg van de brug liet een goede vleermuisbunker onder het zand verdwijnen. Om deze toegankelijk te houden, plaatste de provincie een schacht met openingen tegen de bunker aan. Sinds 1987 tellen vrijwilligers van Waternet het aantal vleermuizen in deze bunker binnen het Netwerk Ecologische Monitoring Vleermuizen Winterverblijven. Voortzetting van deze monitoring moet uitwijzen of de maatregel werkt. Uit onderzoek uit 2014 blijkt al wel dat vleermuizen de brug (nog) niet als lijnvormig element gebruiken.

Enkele reptielen en amfibieën

Om het gebruik van het ecoduct door reptielen en amfibieën waar te nemen, zijn dertig dakpannen neergelegd waaronder de dieren zich kunnen verschuilen. Vier tot zes keer per jaar in de periode april-oktober draait Waternet de pannen om. In 2014-2016 zijn de zandhagedis, kleine watersalamander, rugstreeppad, gewone pad en bruine kikker waargenomen. Omdat monitoring met camera’s betrouwbaarder resultaten bleek op te leveren, is de dakpanmonitoring in 2017 gestopt.



Sprinkhanen, dagvlinders en libellen


Tussen mei en september telt PWN Waterleidingbedrijf Noord-Holland jaarlijks twee tot drie keer de exacte aantallen van alle soorten op de hele brug. In de periode 2014-2016 zijn zeven soorten sprinkhanen en elf soorten dagvlinders gezien. Met zogenoemde potvallen werden ook andere bodembewonende soorten verzameld. De resultaten hiervan moeten nog verschijnen.


Benieuwd naar de volledige monitoringresultaten? Je vindt ze in dit artikel.